Tracker troeft duur fonds af

22 juni 2016 Door: De Telegraaf

Indexbeleggen en trackers nemen een ongekende vlucht, zeker nu de spaarrente ultralaag is. Een index volgen blijkt op de langere termijn profijtelijker dan geld steken in afzonderlijke fondsen. Maar beleggers worden vaak op het verkeerde been gezet.

De toestroom van spaarders en geld uit fondsen naar indexbeleggingen is enorm. Van al het belegde vermogen wereldwijd ging dit jaar al 30% naar deze mandjes met fondsen, tegen 22% vorig jaar. Volgens de marktonderzoeker Debbie Fuhr van ETFGI stroomde in mei een record binnen, tot $3,143 biljoen in dit type populaire beleggingen.

De kracht van indexbeleggen zit in lage kosten en minder risico door de grote spreiding. De kosten zijn gemiddeld 0,3% per jaar. Zogeheten actief beheerde fondsen, die claimen de index in opbrengsten altijd te verslaan, vragen beleggers aan lopende kosten 0,5 tot 1,5% over het ingelegde bedrag per jaar.

Onafhankelijk onderzoeker Morningstar stelt dat enkele van deze fondsen het beter doen dan een tracker. Maar over de langere termijn presteren ze gemiddeld slechter. Sterker, naarmate de fondsvergoedingen en lopende kosten van deze fondsbeheerders hoger zijn, is het rendement zelfs lager, constateerde Morningstar na breed onderzoek.

Beleggers lopen met indexbeleggen minder risico, omdat ze in een verscheidenheid aan fondsen zitten, doordat ze via het mandje of index in meer bedrijven of producten tegelijkertijd beleggen. Een misser bij Shell is dan pijnlijk, maar wordt door bijvoorbeeld goed rendement bij Unilever opgevangen in een tracker die de AEX-index volgt. Trackers worden ook verkocht als exchange traded fund (etf).

Door niet voortdurend te zoeken naar de ene speld in de hooiberg, maar de hele hooiberg te kopen, begon John C.Boggle als grondlegger van etf-aanbieder Vanguard, nu de op een na grootste aanbieder wereldwijd.

Dat simpele effect bereiken beleggers ook met mandjes die grondstoffen, de hele telecomsector, vastgoedfondsen en ict-bedrijven combineren. Sores in de ene sector wordt door de andere opgevangen.

Indexbeleggen stamt uit de jaren zestig. Sindsdien zijn er heel veel trackers op de markt gekomen. Die zijn aan de beurs genoteerd en daarmee door de dag te verhandelen. Beleggingsboekjes wijzen beleggers er echter juist op de lange termijn te kiezen en niet te snel te wisselen. Een markt met een aanbod van bijna 6370 trackers aanbod – van melkbeleggingen, sportclubs tot 100% groene beleggingen – kan particulieren evengoed verwarren, erkennen de experts.

,,Je moet beleggen met een strategie en niet snel afwijken, maar het loont zeker om alles vooraf eerst goed te vergelijken”, zegt Martijn Rozemuller, directeur van de aanbieder Think ETF’s, die eerder bekroond werd met een prijs.

Beleggingstrainer Peter Siks van Binck Bank hamert daarnaast op een menging, van trackers in aandelen en in obligaties, twee separate markten die elkaar traditioneel goed aanvullen.

Spreiding, lage kosten, lange adem zijn vervolgens cruciaal. In- en uitstappen gaat – ook met de trackers voor obligaties – vrijwel altijd ten koste van het eindrendement. Studie na studie toont bij zo’n strategie aan dat indexbeleggen de passieve fondsbeheerders aftroeft als het om rendement gaat. Bijvoorbeeld voor een pensioen.

In Europa is nu 5% van al het belegde vermogen in aandelen in trackers belegd, voor obligaties net 1%, maar deze markt is groter. Deze historische opmars van de indexbelegger vergt zijn tol elders in de financiële markt. Vermogensbeheerders verliezen komende drie jaar 30 tot 35% van hun winst, volgens organisatiebureau McKinsey.

Het eerste kwartaal van 2016 verdween al $16 miljard aan kapitaal bij deze actief beheerde fondsen. Zakenbank JPMorgan schat die teruggang op zo’n 10% dit jaar, door de opkomst van indexfondsen.

Actief beheerde fondsen schermen in advertenties vaak met hoge rendementen. Die zouden de extra kosten voor de fondsbeheerders, die langdurig en diep in bedrijfscijfers en derivaten duiken om de beste eruit te halen, moeten verantwoorden.

Waakhond AFM voor de financiële markten ziet echter dat sommige beheerders gewoon de index volgen, de zogeheten indexknuffelaars. Zo’n indexhugger of closet tracker is een fonds dat zich als zo’n actieve beheerder presenteert.

Particuliere beleggers kunnen in alle advertenties echter slecht het onderscheid maken, ziet de Vereniging van en voor indexbeleggers die ,,een wildgroei en commerciële uitbuiting” waarneemt. De AFM heeft recent 75 indexhuggers getraceerd, maar meldt hun namen (nog) niet. ,,Het is van de gekke dat je betaalt voor iets dat niet actief beheerd wordt”, waarschuwt ook Niels Faassen van marktonderzoeker Morningstar de particuliere belegger.